Douwe

Mijn middelbareschooltijd vond ik niet per se heel erg leuk. Ik vond het vooral heel erg lastig om niet al te zeer uit de toon te vallen bij mijn mede-gymnasiasten, om de sociale en culturele mores een beetje bij te houden en überhaupt ieder jaar weer over te gaan. Lange tijd heb ik bij voorkeur zo min mogelijk aan het Christelijk Gymnasium in Utrecht teruggedacht.

Tegenwoordig ben ik van mening dat ik op ongeveer de allertofste school van Nederland heb gezeten. En dat ik niet per se ‘de mooiste tijd van mijn leven’ heb beleefd, maar toch in ieder geval ‘best een leuke tijd’. Even terzijde: in ons examenjaarboek schreef een van mijn klasgenootjes dat het ‘de mooiste tijd van haar leven’ was geweest – in mijn ogen betekent dat dat je leven maar beter voorbij kan zijn op dat moment, maar wellicht is dat een wat al te letterlijke interpretatie van deze verder nogal onnozele uitspraak.

Hoe dan ook, in de loop der jaren veranderde mijn kijk op mijn schooltijd dus best wel. Dit gebeurde niet zomaar, daar waren wat stapjes voor nodig. Zo was er een memorabel afscheidsoptreden van enkele pensionerende docenten waar ik in een vlaag van spontaniteit besloot naartoe te gaan. En waar bleek dat ik mezelf gelukkig mocht prijzen omdat ik les had gehad van een aantal zeer intelligente, bevlogen en creatieve docenten. Enkele jaren later was er een reünie waar ik me ineens thuis voelde tussen de mensen met wie ik jarenlang naar school was gefietst, mijn boterhammetjes mee had gegeten en mee had gepoold in de tussenuren. Langzaam ontstond het besef dat ik wel degelijk deel uitgemaakt had van de gemeenschap die het CGU vormde, dat ik heus wel gezien was door de docenten aldaar en dat mijn jaargenoten me echt niet allemaal die gekke outcast vonden die ik wel in mezelf zag. Wee mijn onzekere puberbrein van weleer!

Een van die docenten waar ik hierboven al even over sprak, was Douwe Werkman. Docent godsdienst in de onderbouw en docent maatschappijleer in de bovenbouw. Het vak bleef overigens nagenoeg hetzelfde, maar voor de inspectie was het nodig dat school beide vakken op het curriculum had staan, legde Douwe ooit eens uit. We gingen met Douwe naar Amsterdam, in de tweede klas naar het Anne Frankhuis, in de vierde naar de Hare Krishna’s. En als we niet met de bus mee terug naar Utrecht wilden, mochten we ook wel zelf met de trein naar huis – kom daar nog maar eens om!

Aan einde van de vierde gingen we, ook met Douwe, op turbotrip naar Parijs: ’s ochtends in alle vroegte in de bus, op ramkoers door het Louvre opdat we in ieder geval alle hoogtepunten zouden zien, met de metro langs alle andere hoogtepunten en als je liever zelf door Parijs struinde, was dat ook prima. Als je maar op tijd terug was voor de bus, die dezelfde dag weer terugreed. Bijna was onze trip trouwens niet doorgegaan, omdat het jaar voor ons enkele jongens met hun stonede hoofd bij de verkeerde Notre Dame hadden staan wachten en uiteindelijk door hun ouders in Parijs opgehaald moesten worden. De schoolleiding vond dit niet heel amusant, maar Douwe wist hen te overtuigen van de educatieve meerwaarde van deze reis en als wij allemaal beloofden dat we niet bij de verkeerde Notre Dame zouden eindigen, dan mochten ook wij gewoon weer gaan.

In de lessen van Douwe trokken de vreemdste paradijsvogels aan ons voorbij: sekteleden, Heilsoldaten, ex-drugsverslaafden en vertegenwoordigers van de JOVD. Aan het begin van het jaar maakte je een keer een SO’tje, daar haalde je een 7 of een 8 voor (en als je een keer een kerkdienst van dominee Douwe bijwoonde, kreeg je een 9) en dat cijfer bleef de rest van het jaar staan.

Vandaag was ik bij de afscheidsdienst van Douwe. Douwe is, 70 jaar oud en dus eigenlijk nog te jong, deze week overleden. De dienst was in zijn ‘eigen’ Klaaskerk, waar hij enkele jaren geleden met zijn collega’s afscheid nam van school. De school waar hij jarenlang werkte, maar waar hij ook ooit als leerling vanaf getrapt werd omdat hij met zijn schoolband ‘Apache’ van The Shadows wilde spelen, wat volgens de toenmalige schoolleiding echt niet door de beugel kon. Dat nummer speelde hij overigens op dat bewuste afscheid alsnog.

Ik ben blij dat ik bij dit afscheid aanwezig kon zijn. Ik vrees dat er de komende jaren nog meer van deze momenten gaan volgen, want veel van de aanwezige oud-docenten zagen er inmiddels redelijk oud en broos uit. En nee, ik ga heus niet naar alle afscheidsbijeenkomsten, maar wel van hen die voor mij nog steeds een ijkpunt vormen voor de docent die ik zelf wil zijn. Douwe was zo’n ijkpunt en Fanny, Joop, Adriaan, Piter, Sipko, Ed en Ellen, ik hoop van harte dat jullie nog heel lang zullen leven, maar als het tijd is om van jullie afscheid te nemen, zal ik erbij zijn.

image

7 thoughts on “Douwe

  1. Mooi verhaal. Ik denk dat dat de algemene trend is, om jezelf als raarder te zien, dan dat je in werkelijkheid bent. Hoewel, ik vind mezelf ook wel eens heel normaal in vergelijking met allerlei gekkies.

  2. Integer Femke. Hoop dat er ooit ook zo over ons wordt geschreven.

    Dan ben ik dus net zo normaal als jij. Met een voorliefde voor Falco en Codo. Hmmm, ik vind ons gewoon goed raar en dat is prima ( ̄(工) ̄)

    • Dat zou mooi zijn hè? Als je zo’n indruk weet achter te laten…
      Misschien kunnen we Codo vast op onze beider begrafenismuzieklijstjes zetten, daarmee maken we dan in ieder geval een onuitwisbare indruk, weliswaar postuum, maar toch.

  3. Pingback: Utrecht-Bunnik-Zeist-Bunnik-Utrecht | skietje

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s