Racefietsen met zijwieltjes – 5

Helaas is deze titel nog steeds van toepassing op mijn fietsverhalen; het gaat met vallen en opstaan. En nee, niet alleen overdrachtelijk, want afgelopen vrijdag ben ik daadwerkelijk twee keer tegen de grond gegaan. Het bleek een opmars voor het verloop van de verdere vrijdag, maar daarover wellicht ooit meer in mijn allesomvattende autobiografie. Of niet, dat zal nog moeten blijken.

Hoe dan ook, afgelopen vrijdag viel ik dus van mijn fiets. De eerste keer was dat geheel en al te wijten aan een oelewapper die meende nog wel even door rood te kunnen rijden in de stoplichtfile, waardoor hij zeer vakkundig mij de doorgang blokkeerde. Ik dacht er wel langs te kunnen, kwam na een halve tel tot de conclusie dat dat overmoedig was qua te fietsen hoeken, wilde stoppen en afstappen, maar zat nog vast. Heel veel lulliger kun je niet tegen de vlakte gaan hoor.

Ietwat onthutst en met pijnlijke knie en pols besloot ik toch maar verder te gaan. Ik was immers pas een kilometer van huis. Ik dook de Gagelpolder in, ving een stuk of duizend vliegjes op met mijn hoofd, kwam bij de Burgemeester Huydecoperweg richting Westbroek aan, wilde oversteken, zag een auto, besloot te stoppen en viel weer. Dit keer was het echt wel geheel mijn eigen fout, want verbolgen als ik nog steeds was (pijn! vliegjes!), vergat ik nu echt dat ik vast zat aan de pedalen. Nu was niet alleen de linkerknie blauw, maar ook de rechterknie geschaafd, want het bruggetje waar ik op viel, had heel gemene steentjes. Wie bedenkt zoiets überhaupt?

Inmiddels was ik er wel een beetje klaar mee, maar ik besloot na ampel overleg dapper verder te trappen. Nog steeds was ik hemelsbreed niet veel meer dan een paar kilometer gevorderd en ik wilde niet een al te grote minkukel zijn. Maar eigenlijk zat vanaf dat moment alles tegen: nog meer vliegjes, heel veel verkeer op de Gageldijk, graafmachines op de Maarsseveensevaart, nog een graafmachine langs de Vecht, met een dikke mevrouw erbij die ook na drie keer vriendelijk doch dwingend ‘pardon’ niet aan de kant ging… Ineens vond ik mijn nieuwe hobby lang zo leuk niet meer.

Thuis bekeek ik de Strava-gemiddeldes en die boden enige troost: ik vergaarde enkele bekertjes op diverse segmenten en mijn gemiddelde was niet eens zo heel lullig. Als topsnelheid bereikte ik zelfs ergens 57,6 km per uur (waarschijnlijk van een brug af, maar toch) en dat stemde me mild tevreden. Ik maakte de volgende mentale notitie: altijd achteraf Strava bekijken én een bel kopen.

Racefietsen met zijwieltjes – 4

Ik schreef al best veel over mijn fiets, maar tot nu toe zonder er daadwerkelijk op te fietsen. Afgelopen maandag was het dan toch zo ver: ik overwon mijn schaamte en ging een oefenrondje rijden.

Toen ik eenmaal mijn complete outfit aangetrokken had, vond ik mezelf er nogal bespottelijk uitzien: een broek met een zeemleren luier erin, een eigenlijk net iets te strak shirtje, handschoenen zonder vingers die alleen in de jaren tachtig hip waren, en niet te vergeten een helm. Femke doet alsof ze een wielrenner is. Met carnaval. Zo voelde ik me.

Enfin, nadat ik mijn schroom om überhaupt de tuin in de stappen overwonnen had, haalde ik mijn fiets uit de schuur, stelde ik mijn kersvers gedownloade Strava-app in op mijn telefoon en kon ik ervandoor. EN DAT WAS FANTASTISCH!

Een racefiets is dus echt gemaakt om hard op te fietsen. Met de beste wil van de wereld kón ik helemaal niet langzaam; ondanks het slechte wegdek, ondanks de straffe tegenwind. Alles paste precies en het is dat ik niet zo houd van zweverigheid enzo, maar anders zou ik hier beweren dat ik gemaakt ben om te wielrennen. Had ik dat maar eerder geweten, bijvoorbeeld toen ik als kleutertje ‘net alsof’ deed. Wie weet welke carrière ik had kunnen maken in het peloton!

Oké, even kalm aan weer, want zo geweldig waren mijn prestaties nu ook weer niet. Ik reed echt maar een heel klein rondje:

image

En mijn gemiddelde was ook niet echt van olympische aard:

image

Maar hé, ik viel niet één keer, ging bij het stoplicht heel professioneel om met mijn pedalen en ik haalde zonder al te veel moeite te doen een topsnelheid van 41 km/u. Én ik reed godzijdank niet lek, want hoe ik een band moet verwisselen, dat weet ik ook nog niet.

Racefietsen met zijwieltjes – 3

Dit is hem! De mijnes! Kijk hem eens shinen…

Vandaag Gisteren Vrijdag reed ik met milde zenuwen, die ik zelf ook niet helemaal kon verklaren, naar Gouda. Ik ging m’n fiets met toebehoren ophalen. De toebehoren bleken nogal wat voeten in aarde te hebben, dus ik was een uur of twee meer kwijt dan ik er voor uitgetrokken had. Nu is dat niks ongewoons, want ik denk altijd zes kwartier in een uur te kunnen proppen, maar dit keer had het niks met misplaatst optimisme, maar alles met onwetendheid te maken.

Ja, natuurlijk, naar aanleiding van al jullie uitgebreide adviezen had ik heus wel bedacht dat ik niet zomaar weg zou rijden, maar dat ik werkelijk over álles heel goed na moest denken, dat had ik dus niet bedacht.

Er waren bij 12gobiking (fijne winkel, goede service – ga daar heen) ongeveer zevenendertig rekken met kleding: shirtjes, broeken (in dames-, heren- en kijk-maar-even-modellen), schoenen etc. De lijst van benodigdheden was schier eindeloos en deed me een beetje denken aan de lijst voor aanstaande moeders die ik ooit eens onder ogen kreeg: van driekwart wist ik echt niet wat het was. Inmiddels weet ik wel meer van wielrennen dan van baby’s. En dat vind ik een geruststellende gedachte.

Goed, de shirtjes bleken al een heel gedoe, want ik heb (blijkbaar) te brede schouders voor damesshirtjes. Ik vond dat niet heel leuk om te ervaren, maar anderzijds pasten de kleuren van de herenshirts wel een stuk beter bij m’n fiets, dus zo werd het toch nog een beetje vrouwelijk. Als in: het oog wil ook wat, mensen.

Er wachtten me nog driehonderd andere keuzes en de meer dan leuke verkoper wist me bijzonder goed te helpen, dus uiteindelijk is het allemaal gelukt. En kocht ik voor een bedrag waar het me een beetje van duizelde (voor 23,08 euro meer had ik nogmaals mijn fiets kunnen kopen) een best wel professionele wielrenset. Kortom, het is tijd om echt te gaan fietsen!

Racefietsen met zijwieltjes – 2

Goed, het gaat gebeuren. Morgen ga ik naar Gouda om mijn fiets te gaan bekijken. En hopelijk te kopen, hoewel ik het inmiddels doodeng vind. En dat komt door jullie!

Ja, dat komt door jullie en jullie goedbedoelde adviezen! Man, ik vroeg om wat tips en ik dacht dingen te horen te krijgen als ‘ga niet meteen 200 kilometer fietsen’ (was ik toch al niet van plan) of ‘als je de bergen in wilt, moet je eerst oefenen’ (maar ik wil de bergen helemaal niet in). Niets van dat alles kwam langs.

Wat er dan wel langs kwam? Heel veel, nauwelijks bemoedigende, opmerkingen over vaseline, bijvoorbeeld. En omdat ik nogal denk in plaatjes, zie ik echt de meeste vreselijke (ontvelde en brandende) taferelen voor me. Dank daarvoor.
Ook vertelde iedereen smakelijk over het niet zo heel erg behendig omgaan met de click-pedalen. En dat ik daar vooral heel erg goed mee moest oefenen. Ja verdorie, die dingen vind ik misschien wel het allerengst van dat hele wielrennen. Dat je dus vast zit en dat je niet meteen los komt als er gevaar dreigt en dat in combinatie met mijn toch al vrij grote lompigheid…nu durf ik dus al helemaal niet meer.

Maar goed, er zijn al meer van mijn goede voornemens en plannen gesneuveld in faalangst, dus dit keer zet ik door. Morgen ga ik naar Gouda. En dan ga ik oefenen. En als ik dan minder dan drie keer (bijna) onderuit ga, dan koop ik mijn fiets. Met alle denkbare accessoires, inclusief click-pedalen en een prachtige fietsbroek. Ik ga dit doen. Morgen meer…

Racefietsen met zijwieltjes – 1

Vroeger was ik Joop Zoetemelk. Althans, als ik op mijn fiets zat en zo snel mogelijk de bochten probeerde te nemen op mijn zelfbedachte parcours. Dat ik Joop Zoetemelk was, komt doordat hij niet heel lang voordat ik leerde fietsen zijn grootste successen behaalde en in die tijd de meest succesvolle Nederlandse renner was. Of omdat ik zijn naam heel grappig vond, dat kan ook.

In ieder geval waren mijn vader, moeder en broertje respectievelijk Hinault (zonder voornaam), Jan Raas en Gerrie Knetemann en zo fietste ik een beetje door mijn kleuterwereld. En later als ik groot was, werd ik wielrenner.

Dat liep anders. Vooral ook omdat ik nooit een racefiets kocht. Maar daar gaat verandering in komen! Binnenkort word ik uitgenodigd om de voor mij bestelde fiets in Gouda te gaan testen en als ik dan bij het proefrijden niet al te vaak keihard onderuit ga en/of helemaal niet bij het stuur kan en/of het niet eigenlijk doodeng vind om met mijn voeten vast te zitten, mag ik hem mee naar huis nemen. Of nou ja, na wat financiële transacties en ander gedoe waar ik nu nog even geen rekening mee houd.

Er zijn trouwens nog best veel dingen om rekening mee te houden: trappers pedalen, kleding, wel of geen helm; en ik heb van alles nul tot geen verstand, ondanks mijn zeer vroege fascinatie voor de wielersport. Het voelt dus een beetje alsof ik weer met zijwieltjes moet gaan fietsen. Mochten er mensen zijn die dit lezen en wél verstand van wielrennen hebben: alle tips zijn welkom.

In de tussentijd ga ik proberen de naam van mijn fiets te onthouden, wat me vooralsnog alleen lukt als ik denk aan een beetje schmutzige nachtclub. Mijn fiets heet namelijk Sensa Prima. Daar ga ik nog iets op verzinnen.

Tweede eerste stapjes

Hoi!

Dit zijn mijn eerste blogstapjes op WordPress (met dank aan Lidewij!) en ze worden episch. Even geleden zette ik mijn officiële eerste blogstapjes op Blogger, maar die bleken minder episch, want ik vond het programma tamelijk ruk.

WordPress kent niet zo heel veel geheimen voor me, want op synergo.nl lever ik regelmatig bijdrages, maar dat je er ook gratis op kon bloggen was me tot op heden niet verteld. Dat was wel een goed bewaard geheim.

Hoe dit er allemaal uit komt te zien, is vooralsnog een grote verrassing en ook de inhoud staat me nog niet helemaal duidelijk voor ogen, maar dat ik het leuk vind om te schrijven, om foto’s te maken van de avonturen die ik beleef en om dit te delen met een publiek (dat niet alleen in mijn hoofd bestaat), dat is zeker.

Binnenkort meer, ook bij jou in de buurt!